Welkom in 'Myn Kamer'

Een ‘kamer’ is een verlaten werkfront van blokbrekers1 in een mergelgroeve. Een min of meer besloten plek, gevormd door het einde van een doodlopende gang.
Als berglopers tijdens een lange bergtocht even willen pauzeren zoeken ze vaak zo’n kamer op. De meegebrachte spijs en drank wordt er genuttigd. Ook de plek bij uitstek om een (sterk) bergverhaal te vertellen!

Veel kamers zijn door de eeuwen heen door verschillende mensen gebruikt. Vaak zijn er verschillende oude handschriften terug te vinden. Een ongestructureerd samenraapsel van opschriften uit verschillende tijden.
Soms wordt een bepaalde kamer een vaste stek voor een of meer berglopers. De kamer wordt dan ingericht naar de smaak van de gebruiker(s). Dit kan een eenvoudige aankleding zijn; een opschrift op de muur, of een nisje voor de lamp. Maar er zijn ook kamers die van voor tot achter versierd zijn. Hiertussen bestaan natuurlijk ook gradaties.
Bovendien, als een bergloper vaker hetzelfde hoekje opzoekt dan wordt die cul-de-sac soms gezien als iets persoonlijks. Zo schrijft bijvoorbeeld Gerardus
Rosier in 1806: "Die myn kamer vint die moet se niet bederven (...)"2. Hij wou zijn kamer beschermen door een waarschuwende rijm op de wand te schrijven.

In elk geval is een kamer niet alleen een hangplek voor berglopers, maar vaak ook een razend interessant onderzoeksgebied voor de groevenonderzoeker.

Ž Verder
_______________________
Noten:
1. De begrippen in deze site worden toegelicht in de 'kalleping'.
2. Dit opschrift staat in de kamer van Gerardus Rosier, ook wel de Rechters(kamer) genoemd, Noordelijk Gangenstelsel (Sint Pietersberg).