update: 31.mei.2007

 

Kalleping
een berglopersbegrippenlijst

Aa

Aardpijpsurfen
Onzekere afdaling van een aardpijp.

Alcohol
Toponiem (I, II en III).

Ancienne Brasserie
Gangenstelsel aan de Noordzijde van de Sint Pietersberg.

Annie
Gidsenjargon. Virtuele VVV-cassière van het Zonneberggangenstelsel.

Bb

Bakken
Het opladen van een electrische lamp.

Bèrreg
Dialect voor heuvel (Nl: Berg), maar ook voor de Onderaardse Kalksteengroeven die zich daarin bevinden.

Bergjas:
Kledingsstuk dat afgestemd is op het gebruik in mergelgroeven. Doorgaans een warme jas met veel zakken.

Bergkloompe
Schoenen die je altijd aantrekt op een bergtocht. Vaak zijn dat stevige wandelschoenen.

Bergloper
Van het Maastrichtse woord 'Bèrregloaper' het bezoeken van Onderaardse Kalksteengroeven als tijdverdrijf. Onderzoek doen kan een variatie daarop zijn. Gewoonlijk groeit deze hobby uit tot een passie.

Bergmenneke
Een van 10 uitverkorenen.

Bergsloper
Bezoekers van het ondergrondse die rücksichtloos omspringen met het ondergrondse landschap.

Bergtamtam
Doorgeefluik van doorgaans mondelinge en onbevestigde informatie. Zowel ondergrondse als bovengrondse samenscholingen van berglopers zijn verdacht. Kamers in de berg en horecagelegenheden op en nabij de berg zijn bekende broeinesten van dit roddelcircuit. U bent gewaarschuwd!

Bergteken
Berregteike. Een persoonlijk monogram van een bergloper. Volgens oud gebruik heeft elke bergloper een eigen monogram.

Bergvolk
Iedereen die berg regelmatig bezoekt, uitgezonderd de incidentele bezoekers. Berglopers, gidsen, beheerders, vergunninghouders.

Blokbreken
Het ontginnen van een onderaardse kalksteengroeve; meestal met als doel het produceren van bouwsteenblokken van kalksteen (mergel) en/of het losgewerkte gruis.

Blokbreker
Iemand die een kalksteengroeve ontgint; blokken breekt en/of het kalkgruis los werkt.

Botsgang
Doodlopende gang. Zie ook 'kamer'.

Bouwvalle vaan Noord
Het instortingsgebied van het Noordelijk gangenstelsel. Ook wel 'Zandbak' genoemd in Gidsenjargon.

Cc

Caestert
Caestert gangenstelsel, Sint Pietersberg.

Carbidlamp
Lamp die door het vermengen van water met carbid acetyleengas produceert. Dit gas verbrandt met lucht onvolledig waardoor een kwalmende felgele vlam ontstaat. Geeft daardoor een alomgewaardeerd sfeerlicht. Daarnaast bieden de roetsporen die deze lampen achtergelaten hebben een mogelijkheid om de gang te dateren. Carbid is pas in 1836 ontdekt, de eerste lampen werden pas omstreeks 1895 gemaakt.

Centrum
Middengedeelte van een gangenstelsel.

Dd

Duivelsgrot
Of wijngaardsgroeve. Klein gangenstelsel aan de Jekerzijde van de Sint Pietersberg.

Ee

Eerste Nederlandse Cement Industrie (ENCI)
Cementfabriek die de Sint Pietersberg voor een aanzienlijk deel heeft afgegraven. Circa 70% van de gangen in de Sint Pietersberg zijn bij de bedrijfsvoering van dit bedrijf verdwenen. Er resteert nog slechts een 'holle kies'. Anderzijds heeft dit bedrijf groevenonderzoek mogelijk gemaakt voordat gangen werden verwoest.

Ff

Gg

Gidsenjas
Een kledingsstuk dat steeds gedragen wordt door een gids bij het uitoefenen van zijn vak.

Gleujende nagel
Licht van een zwaklamp. Zie aldaar.

Groeve
Een uitdelving door mensen ontstaan. Er zijn twee typen: Dagbouwgroeven en mijnbouwgroeven. De eerste bevindt zich aan de oppervlakte. De tweede is ondergronds. Zie ook Mergelgroeve.

Groevenlijst

Een lijst met groeven. Soms ook een afvinklijst van reeds bezochte groeven. Zie ook 'obsessiegroeve'.

Groevenstudie
Het vergaren van kennis over groeven.

Groevenonderzoek
Het onderzoeken van Mergelgroeven of zaken die in de Onderaardse Kalksteengroeven worden aangetroffen.

Groot licht
Een lamp die veel licht produceert. vgl. klein licht.

Grot
1) onderaardse uitspoeling (mechanisch en of chemisch) door water.
2) regionaal. Onderaardse Kalksteengroeve.

Hh

Hoofdgang
Doorgaande weg in een gangenstelsel, vaak gebruikt als transportweg en als zodanig te herkennen (karrensporen, markeringen).

Houtskool
Staafje houtskool. Om op mergel te schrijven.

Ii

het I.B.L.
Ontstaan in de jaren '80 van de vorige eeuw, tot aan de RRB. Een groepje jongeren die er een gewoonte van maakten om de Sint Pietersberg vooral illegaal te bezoeken. De harde kern bestond uit echte berglopers.

Illegaal/ Illegale bergloper
Bergloper zonder officiele toestemming van de eigenaar/groevebeheerder. Afkorting: IBL.

Ingang
Zie uitgang

Jj

Kk

Kalleping1
fr. Calepin. Maastrichts: een notitieblok of kladblok. Ook wel agenda.

Kalksteen
Gesteente dat hoofdzakelijk bestaat uit kalk.

Kalksteengroeve
Groeve waar kalksteen gewonnen wordt.

Kamer
1) doodlopende gang in een mergelgroeve.
2) plek in een mergelgroeve waar berglopers regelmatig terugkeren.

Karrenspoor
Uitslijping overdwars. Met dien verstande dat de wielnaven op de wanden een slijpspoor achterlaten.

Klawielke1
Haakspijker. Gewoonlijk om de lamp aan op te hangen.

Klep
Pet met klep ('cap').

Knab
Een flink stuk steen. Meestal wordt vuursteen bedoeld, maar berglopers kunnen ook wel een zitsteen bedoelen. Hierop kun je dan in alle comfort van je pan beer genieten.

Klein licht
Een lamp die weinig licht produceert. Handig om je mee door een berg te bewegen als je niet zo erg wilt opvallen. vgl. groot licht.

Koleketel
Coleman, benzine vergasser van het merk Coleman. Eenvoudig in het gebruik en behoeft weinig onderhoud ('hufterbestendig') dit in tegenstelling tot een petromax. Een nadeel van deze koleketels is de mindere lichtopbrengst in vergelijking met de petromakker.

Ll

Mm

Marendal
Gangenstelsels (I en II) aan de jekerzijde van de Sint Pietersberg. Afgegraven door de ENCI.

Mergel
een gesteente met een kalkaandeel tussen de 10-50%. voor het overige deel bestaat mergel uit klei en zand. Aangezien onze mergel uit 98% kalk bestaat is de benaming Mergel feitelijk onjuist. Beter is om te spreken over kalksteen. maar van de andere kant is het begrip mergel wijd en zijd verbreid en ingeburgerd.

Mergelgroeve
Zie: onderaardse kalksteengroeve.

Mergelsnuiven
Voldoen aan de periodieke behoefte om een mergelgroeve te bezoeken.

Mijnlamp
Stevige acculamp (hufterbestendig), die langdurig licht afgeeft.

Nn

Nachtstrand
Toponiem. Zomerse trekpleister voor berglopers.

Noord
Noordelijk gangenstelsel, Sint Pietersberg. Ook wel (neg.) 'Zandbak' of 'Bouwvalle vaan Noord' genoemd.

Oo

Obsessiegroeve
Een nog niet bezochte groeve. Vaak vanwege een deugdelijke afsluiting.

Onderaardse Kalksteengroeve
de meest accurate benaming voor mergelgroeve.

Opschrift
Een muurschrift. In de groeven worden doorgaans vier soorten opschriften gemaakt: 1) een inscriptie of inkrassing; 2) Een koolopschrift; gemaakt door houtskool of potlood, 3) een rötelopschrift; gemaakt met een 'rötelkrijttje', 4) een verfopschrift; gemaakt door vetkrijt, verf, viltstift of spuitbus.
Nb. het gebruik van spuitbus wordt door berglopers gezien als het begaan van een doodzonde.

Pp

Pan Beer
Een grotere hoeveelheid bier. Vroeger een stevige pint (pul), nu een fles of blik3.

Petromakker
Zie petromax.

Petromax
Merknaam. Een petroleumvergasser met een grote lichtopbrengst. Ideaal om grote groeven mee te bezoeken. vgl. met 'koleketel'. Nb. in kleine groeven kan de warmteafgifte overwinterende vleermuizen storen in hun winterslaap.

Pitslamp
Zaklamp.

Plöklamp
Carbidlamp met een steel die gebruikt werd bij het champignonplukken.

Qq

Rr

Razelle
Lichaamsreactie door het gemis van een zitdingske.

Rimmetik
Beroepskwaal van blokbrekers. Artritis

Ss

Sap
Petrochemische lampenbrandstof.

Schark
Gangenstelsel aan de jekerzijde van de Sint Pietersberg.

Schnierts
Derrie.

Slavante
Slavantegangenstelsel, Sint Pietersberg. Het overgrotendeel is afgegraven door de ENCI. Het restant is bovendien opgevuld met vliegas. Ook wel onderberg genoemd.

Sloepleeg
Lampje waarmee een bergloper zich ongezien door de berg kan verplaatsen.

Snotsneus
Olielampje.

Stalluuch
Olielamp in beschermglas. nl. 'Stormlantaarn'

Tt

Troglofiel
Liefhebber van het ondergrondse.

Uu

Uitgang
Zie ingang.

Uitgemergeld
Oorspronkelijk: een overbemest akker. Door het herhaaldelijk bemergelen, het bemesten van een akker met mergel bracht het akker op den duur steeds minder op. Het akker raakt zo uitgeput. De moderne betekenis van uitmergelen is dan ook uitputting.

Vv

Varkensstal
Kamer in de Zonneberg. Genoemd naar een opschrift in de directe omgeving.

Vleege vaange
Blokbrekersjargon. Vooral bij het zagen van de zgn. pilaervoor is de kans groot dat je met de knokkels van je hand de pilaar schampt en zodoende schaafwondjes oploopt. Na een dag of zo vormt zich een raafje op het wondje en dat lijkt op een vliegje, vandaar 'vliegen vangen'.

Vleermuis
Orde van de handvleugeligen (chiroptera). In onze contreien komen alleen de microchiroptera voor. Ondanks hun geringe formaat zijn het reuze interessante zoogdieren die, om te overleven zomers jagen op insecten en winterslaap houden vanaf oktober tot april. 's Zomers dienen ze ons als vliegensvlugge insectenverdelgers. Nachtdieren die ten onrechte in verband gebracht worden met onheil en duivels. Maar dit is bepaald door onze westerse op het christendom geënte cultuur; in Azië daarentegen worden vleermuizen ('Fu') gezien als geluksbrengers.2

Vossehol
Voormalige kamer in Noord. In 2006 opgevuld.

Ww

Webköster
Webmaster.

Wet van de Vierzijdige pilaar
Een natuurkundige wet waarmee eenvoudig de uitgang, of andere lokatie van een groeve gelocaliseerd kan worden.

Witte dame van Slavante
Een door H.K. waargenomen verschijning in de Sint Pietersberg. Verteld tijdens een radioprogramma.

Xx

Yy

Zz

Zak
Een sub-gangenstelsel; een groepje gangen dat slechts met een of enkele gangen verbonden is met de rest van het gangenstelsel.

Zandbak (of zandbank? iemand die hier meer informatie over heeft?)
Zie Noord.

Zitdingske
Een (isolatie)matje dat je gebruikt bij het zitten op een knab. Voorkomt, of stelt uit de afkoeling van het zitvlees.

Zjwa-zwja
Een nog niet waargenomen nachtdier. Volgens een kenner steekt dit dier in de nachtelijke uren bij de Cabergerweg over.

Zonneberg
Zonneberggangenstelsel, Sint Pietersberg. Vroeger ook wel bovenberg genoemd.

Zonnebergsyndroom
Gidsenjargon. Het idee hebben dat je geschaduwd wordt. Ontstaan in de jaren 80-90, toen jan en alleman een sleutel had van Zonneberg en de VVV-rondleidingen verstoord werden door (zekere) IBL-ers.

Zuid
Zuidelijk gangenstelsel, Sint Pietersberg. Nagenoeg afgegraven en/of ingestort door 'd'n observant' de stortberg van de ENCI.

Zwaklamp
Lamp die, vanwege uitputting zeer weinig licht afgeeft. Bakken of sap erbij verhelpt dit euvel doorgaans.

Bijdragen van Henk Blaauw, Martin Hoogerwerf, John Caris, Erik Honée
______________________________
1. Dr. H.J. Endepols. Diksjenaer van 't Mestreechs. Maastricht, 1985.
2. W.Schober, E. Grimmberger. Gids van de vleermuizen van Europa, Azoren en Canarische Eilanden. Met specifieke informatie over de vleermuizen in Nederland en België. Baarn, 2001. p. 8-11
3. Piet van Kempen. Calepin III van oud Sint Pieter. Maastricht, 1989. p.71